Regen

Het begint net te gieten wanneer mijn shift in de bibliotheek erop zit. Alsof de weergoden beslissen dat ik best nog efkes blijf. Ik besluit hun oordeel te negeren en begeef me al trippelend door de grote plassen naar de tramhalte. Mijn voeten worden zompig en wanneer ik wandel zuigen ze, slurp, slurp, het water gretig op.

De tramhalte is als een eiland in een bijna letterlijke zee. Tegen de stroom in, vind ik een plekje in het kotje. Alsof er een glazen wand is tussen mijzelf en de buitenwereld, kijk ik vanuit het hokje naar het park. Lekker binnen, denk ik. Gezellig, denk ik achtereenvolgens. Andere uitgeregende mensen volgen mijn voorbeeld snel. De een al wat beter gekleed op deze stortbui dan de andere. Ja, mevrouw met de slippers, ik heb het over jou. Maar iedereen is welkom in dit glazen kooitje van droogte. Het is hier lekker warm. Kom binnen, zet u. Samen op het veel te krappe bankje. Naast elkaar, ongeacht taal, religie, cultuur of huidskleur. Maar goed dat België zo’n regenland is, denk ik dan. En mijn zompige voetjes ben ik zo vergeten.

IMG_20180906_093208_230